V.o.f. Holleboom

In het authentieke coulisselandschap van Overijssel, runnen Wilma en Ton hun boerderij. Al twintig jaar combineren zij hun melkveehouderij met een kleinschalige zorgboerderij. Momenteel bestaat het bedrijf uit zo’n 55 Holstein-Friesian melkkoeien, ongeveer 7 Wagyu-Hereford runderen en blijvend grasland. 

De komende jaren willen ze hun boerderij gaan omvormen tot een natuurinclusieve landbouwonderneming. Een plek waar bos, grasland, dieren, zorg en straks ook hun drie kinderen (die allemaal deels willen instappen) samenkomen in één toekomstbestendig geheel. De komende jaren zetten ze grote stappen: er wordt 4,2 hectare aan bos aangeplant, volledig gestopt met bestrijdingsmiddelen, kunstmest gebruik wordt afgebouwd en er wordt toegewerkt naar meer weidegang en minder dieren per hectare. Niet vanuit idealisme alleen, maar ook vanuit de overtuiging dat een gezonde bodem leidt tot gezonde dieren, voedsel én leefomgeving. 

Over het bedrijf

Huidige situatie
  • 30 ha zandgrond
  • melkvee
  • Wagyu vleesvee
Bouwplan na omschakeling
  • Lorem ipsum dolor

De komende 3 jaar

De komende drie jaar staan in het teken van stapsgewijs omschakelen. Perceel voor perceel zullen Wilma en Ton werken aan bodemverbetering, extensivering en meer natuur. 

Vinkje 1: de bodem is de basis

De bodem is de basis en een actief bodemleven zorgt ervoor dat voedingsstoffen beter benut worden, en externe input vermindert kan worden. Wilma en Ton willen hier de komende jaren graag op sturen:  

  • Per perceel gefaseerd overstappen naar grasklaver om kunstmest te vervangen; 
  • Uitzoeken welke klaversoorten droogtebestendig zijn; 
  • Kopros toevoegen aan mest om bodemleven te stimuleren en humusopbouw te versnellen.  

Vinkje 2 en 3: Geen kunstmest en zo min mogelijk pesticiden

De komende drie jaar willen Wilma en Ton volledig stoppen met bestrijdingsmiddelen en het liefst ook kunstmest.  

  • Alleen in uiterste nood nog chemische bestrijdingsmiddelen toepassen; 
  • Kunstmestgebruik halveren in de eerste fase en vervolgens volledig afbouwen richting nul gebruik; 
  • Vertrouwen op natuurlijk herstel van kruiden bij minder bemesting en chemie.  

Vinkje 4 en 5: 10% landschapselementen en meer bomen

Over een aantal jaar zal de omgeving van het bedrijf van Wilma en Ton er volledig anders uitzien. Het komende jaar zal namelijk 4,2 hectare (!) aan bos worden aangeplant: wel 30.000 bomen! Het bos zal niet alleen een ecologische investering zijn, maar ook een plek waar mensen kunnen ervaren wat natuurinclusieve landbouw betekent. Zo willen ze ook een wandelpad door het bos gaan realiseren.

Vinkje 6 en 7: 3000u weidegang en 1,5GVE

Van mei tot november streven Wilma en Ton naar volledige weidegang: de koeien zullen dan 24 uur per dag buiten zijn. Grotendeels lukt dit al, maar ontwikkelingen zoals de aanwezigheid van de wolf maken dit spannend. Daarnaast willen ze: 

  • Gefaseerd toewerken van 2,5 GVE naar 1,5 GVE per hectare; 
  • Kalfjes bij de koe houden (zoals bij Wagyu-Hereford); 
  • Op termijn afbouwen van melkvee naar vleesvee; 
  • Onderzoeken hoe lokaal vlees kan worden afgezet.

Uitdagingen en ambities

De plannen die Wilma en Ton hebben sluiten goed aan bij wat de maatschappij vraagt: duurzaam geproduceerd voedsel, meer natuur, minder chemie en een sterke verbinding met de omgeving. Ze zullen de komende jaren dan ook voortbouwen op wat er al is (een zorgboerderij, betrokken kinderen, een landschap met structuur) en creëren daarnaast ook ruimte voor hun drie kinderen om het bedrijf samen, in deeltijd, over te nemen. 

Tegelijkertijd zijn er ook verschillende uitdagingen. Droogte en klimaatverandering maken het spannend om met klaver en minder kunstmest te werken. De wolf zorgt voor onzekerheid bij volledige weidegang. Goedkoper vlees uit het buitenland en handelsafspraken kunnen de markt onder druk zetten.  

Maar gelukkig zijn er ook kansen: dankzij de steun vanuit onder ander 7-vinkjes kunnen ze eindelijk de plannen uitvoeren die al jaren in hun hoofd zit. Ze kunnen zo lokaal vlees gaan vermarkten en bouwen aan een bedrijf dat klaar is voor de toekomst. De ambitie is helder: een boerderij waar bos en grasland elkaar versterken, waar dieren gezond buiten lopen, zorg en landbouw samenkomen en waar iedereen letterlijk kan zien en proeven wat gezonde landbouw betekent. 

De 7 vinkjes

1. De bodem is de basis

Teelt uit volle grond met zorgvuldig bodembeheer ter bevordering van een hoge bodemkwaliteit, met name door toepassing van methoden en technieken die het bodemleven verrijken, of in elk geval sparen. Te denken valt aan maatregelen zoals beperkte, of niet-kerende grondbewerking, gebruik van lichte(re) machines en vaste rijpaden, verruiming van de vruchtwisseling (akkerbouw), toepassing van groenbemesters en zorgvuldige recycling van organische reststromen zoals compost, mulch en maaimeststoffen.

2. Geen kunstmest

Van kunstmest naar organische meststoffen die het bodemleven voeden in plaats van schaden, zoals compost en stalmest, en het inzetten van stikstofbinders en andere groenbemesters. Kunstmest draagt niet bij aan een gezond bodemleven, maar de productie en toediening zorgt voor veel emissie van broeikasgassen en stikstof.

3. Zo min mogelijk pesticiden

Uitsluiting, of minimaal decimering van het gebruik van bestrijdingsmiddelen, in het bijzonder afbouwen van het gebruik van de meest milieubelastende en schadelijke middelen.

4. 10% Landschapselementen

Op elke hectare leggen we landschapselementen aan om de bovengrondse biodiversiteit te ondersteunen. Denk aan heggen, hagen, poelen, natuurlijke waterkanten, keverbanken en bloemenstroken. Deze beslaan 10% van de grond onder het bedrijf en passen bij de streek.

5. Meer bomen

Een landbouw met bomen is beter bestand tegen het veranderende klimaat. Daarom planten we meer bomen, op plekken waar dat kan. En dan vooral ook bomen en andere houtige soorten die bijdragen aan de voedselproductie zoals fruit- en notenbomen. Bomen en andere permanente landschapselementen blijven minimaal 20 jaar onderdeel van het teeltsysteem.

6. Extensieve veeteelt

Indien er dieren worden gehouden dan is er sprake van extensieve, grondgebonden veeteelt met gemiddeld maximaal 1,5 GrootVee-Eenheden (GVE) per hectare landbouwgrond, bijvoorbeeld op oude of kruidenrijke graslanden.

7. Koe in de wei

Indien er sprake is van veeteelt, dan dient transport van vee, mest en veevoer tot het minimum te worden beperkt; voor vee geldt een minimum van 3000 uur weidegang ter bevordering van een diervriendelijk en zoveel mogelijk gras-gevoerde (rund)veehouderij.

Maak ook kennis met

Foto Dina Kaput
Dina & Gerko2

Gerko & Dina Kaput

Akkerbouwer
Bellingwolde
"We zien toekomst in het werken naar een gezonde bodem die humus gaat produceren. Een essentieel proces om de geoogste producten van vitaminen en spoorelementen te voorzien. Dit is de basis om in de toekomst gezond voedsel te leveren aan de consument"
Perceel rutger 2
Afbeelding van WhatsApp op 2025-11-06 om 12.31.01_0d71d7fa

Rutger Engelbertink

Veehouder
Vorden
Een oude boerderij krijgt een nieuwe biologische toekomst en gaat natuurgebieden met elkaar verbinden met een landschapsplan dat is geënt op het verleden maar gericht op de toekomst.