Boerderij De Groote Spelder

Marc en Margot telen granen, graszaad, cichorei, en suikerbieten op 26 hectare zavelige zandgrond in West-Brabant.  Daarnaast ruilen ze ook grond uit met een pootaardappelteler en een aspergeteler, die ook graag meedenken met het 7-vinkjes project. Vanaf 2025 zijn Marc en Margot samen volledig eigenaar van het bedrijf. Daarbij gaven ze de boerderij een nieuwe naam, of eigenlijk een oude: de Groote Spelder. De naam ‘Groote Spelder’ vonden ze terug op historische kaarten van de Heemkundekring Wouw en staat voor de plek, het kunnen verbinden en het kiezen van een eigen pad.  

Van het 7- vinkjes project worden Marc en Margot enthousiast omdat het ze de mogelijkheid geeft nieuwe stappen te zetten, waar ze al langer over nadenken. In bieten en cichorei wordt bijvoorbeeld wel al mechanisch gewiedegd en geschoffeld maar hier is, net als in de pootaardappelen, de vermindering van bestrijdingsmiddelen nog een uitdaging. Ook willen ze graag meer expertise met groenbemesters opdoen, en gaan ze gelijk aan de slag met groenblauwe dooradering. 

De Groote Spelder ligt in het Wouws Beekdal, een gebied dat door de provincie aangewezen is als aardkundig waardevol. Historische kaarten laten zien dat het landschap hier vroeger kleinschaliger was, met kleine percelen die vaak worden gescheiden door heggen. Vooral dicht bij de beek was sprake van een gevarieerd en groen landschap. Dit historische landschap inspireert Marc en Margot voor het globale stappenplan. Ze willen graag toewerken naar een akkerbouwsysteem, waarin bodem, gewas en landschap elkaar versterken. Door het herstellen van landschapselementen, het versterken van bodemprocessen en het verminderen van externe inputs, willen zij de hun bedrijf veerkrachtiger en toekomstbestendiger maken.  s leo.

Over het bedrijf

Huidige situatie
  • 26 ha akkerbouw
Bouwplan
  • Suikerbiet
  • Cichorei
  • Graszaad
  • Granen
  • Pootaardappel (uitbesteed)
  • Asperge (uitbesteed)

De komende 3 jaar

De komende jaren zal de focus liggen op de bodemgezondheid, weerbare gewassen en de aanleg van de groenblauwe dooradering.  

Vinkje 1: de bodem is de basis

De aanpak is gericht op het versterken van de bodem via vier kernprincipes: het maximaliseren van fotosynthese, het vergroten van gewasdiversiteit, het jaarrond bedekt houden van de bodem en het minimaliseren van grondbewerking. Concreet betekent dit: 

  • Dat op het gehele bedrijf wordt gewerkt met niet-kerende grondbewerking. Er wordt niet meer geploegd of gespit; alleen wanneer nodig wordt gebruikgemaakt van een woelpoot;  
  • Dat er vrijwel altijd een gewas op de akker staat, met inzet van mengsels van groenbemesters en onderzaai, zoals witte klaver. Waarbij in de eerste drie jaar wordt geëxperimenteerd met groenbemestingsmengsels om percelen tot ver in het najaar groen te houden. Ook wordt onderzocht of groenbemesters in het voorjaar geoogst kunnen worden om als mulch- of bemestingslaag te dienen, bijvoorbeeld in pootaardappelen. 

Vinkje 2 en 3: Geen kunstmest en zo min mogelijk pesticiden

Marc en Margot kiezen voor het weerbaar maken van gewassen in plaats van symptoombestrijding: 

  • Ze gaan werken met Phytophthora-resistente rassen om het fungicidengebruik te beperken; 
  • Eventueel toepassen van druppelirrigatie om bladnatperiodes te verkorten; 
  • Ook willen ze gaan experimenteren met insectengaas, mulchen en doorzaai om insecticidengebruik te reduceren; 
  • Mechanische onkruidbestrijding wordt waar mogelijk verder geïntensiveerd.  

Vinkje 4 en 5: 10% landschapselementen en meer bomen

Minimaal 10% van het areaal wordt ingericht met landschapselementen, verdeeld in stroken over het hele bedrijf. Deze bestaan uit heggen (in totaal wel 2 kilometer!), bomen en kruidenrijke stroken. Zo zal er in de eerste drie jaar onder andere 9 meter brede patrijzenstroken langs waterlopen worden aangelegd, 6 meter brede bijenstroken verspreid over de percelen, 2 meter brede heggen en een circa 20 meter breed hakhoutbos aan de rand van een perceel. 

Uitdagingen en ambities

Een belangrijke uitdaging voor Marc en Margot is het gebrek aan praktische en wetenschappelijke kennis over regeneratieve akkerbouw; veel keuzes vragen om pionieren. Omdat Marc en Margot beiden ook buitenshuis werken, is de beschikbare tijd voor experimenteren en verkenning beperkt.

Hun ambitie is een bedrijf waarin economie en duurzaamheid hand in hand gaan. Zij zien een boerderij voor zich met een rijke, diverse en natuurlijke uitstraling, waar flora, fauna en landbouw elkaar versterken. In de toekomst werken zij samen met ketenpartners die dezelfde missie delen en ontstaat er meer waardecreatie, bij voorkeur in kortere ketens. De voordelen van deze werkwijze moeten niet alleen zichtbaar zijn op het bedrijf zelf, maar ook inspirerend werken voor andere boeren die dezelfde richting overwegen. 

Updates van Marc van Oers en Margot Peters

Er zijn (nog) geen updates gevonden.

In de media

06.02.2026

Vrijwilligers planten honderden meters heg op Wouws weiland: ‘We moeten de natuur weer hoop geven’

Bron: BN De Stem
Modder, regen en een ijskoude wind moet je trotseren, maar dan doe je wel iets goeds voor de natuur en...

De 7 vinkjes

1. De bodem is de basis

Teelt uit volle grond met zorgvuldig bodembeheer ter bevordering van een hoge bodemkwaliteit, met name door toepassing van methoden en technieken die het bodemleven verrijken, of in elk geval sparen. Te denken valt aan maatregelen zoals beperkte, of niet-kerende grondbewerking, gebruik van lichte(re) machines en vaste rijpaden, verruiming van de vruchtwisseling (akkerbouw), toepassing van groenbemesters en zorgvuldige recycling van organische reststromen zoals compost, mulch en maaimeststoffen.

2. Geen kunstmest

Van kunstmest naar organische meststoffen die het bodemleven voeden in plaats van schaden, zoals compost en stalmest, en het inzetten van stikstofbinders en andere groenbemesters. Kunstmest draagt niet bij aan een gezond bodemleven, maar de productie en toediening zorgt voor veel emissie van broeikasgassen en stikstof.

3. Zo min mogelijk pesticiden

Uitsluiting, of minimaal decimering van het gebruik van bestrijdingsmiddelen, in het bijzonder afbouwen van het gebruik van de meest milieubelastende en schadelijke middelen.

4. 10% Landschapselementen

Op elke hectare leggen we landschapselementen aan om de bovengrondse biodiversiteit te ondersteunen. Denk aan heggen, hagen, poelen, natuurlijke waterkanten, keverbanken en bloemenstroken. Deze beslaan 10% van de grond onder het bedrijf en passen bij de streek.

5. Meer bomen

Een landbouw met bomen is beter bestand tegen het veranderende klimaat. Daarom planten we meer bomen, op plekken waar dat kan. En dan vooral ook bomen en andere houtige soorten die bijdragen aan de voedselproductie zoals fruit- en notenbomen. Bomen en andere permanente landschapselementen blijven minimaal 20 jaar onderdeel van het teeltsysteem.

6. Extensieve veeteelt

Indien er dieren worden gehouden dan is er sprake van extensieve, grondgebonden veeteelt met gemiddeld maximaal 1,5 GrootVee-Eenheden (GVE) per hectare landbouwgrond, bijvoorbeeld op oude of kruidenrijke graslanden.

7. Koe in de wei

Indien er sprake is van veeteelt, dan dient transport van vee, mest en veevoer tot het minimum te worden beperkt; voor vee geldt een minimum van 3000 uur weidegang ter bevordering van een diervriendelijk en zoveel mogelijk gras-gevoerde (rund)veehouderij.

Maak ook kennis met

Foto Dina Kaput
Dina & Gerko2

Gerko & Dina Kaput

Akkerbouwer
Bellingwolde
"We zien toekomst in het werken naar een gezonde bodem die humus gaat produceren. Een essentieel proces om de geoogste producten van vitaminen en spoorelementen te voorzien. Dit is de basis om in de toekomst gezond voedsel te leveren aan de consument"
WhatsApp Image 2025-11-12 at 11.31.32-2
Ton en Wilma te Riele

Ton & Wilma te Riele

Veehouder
Wijhe
We dromen ervan om een wandelpad door het bos aan te leggen. Dit pad zal uitkomen bij onze boerderijwinkel, waar bezoekers ons gifvrije vlees en bloemen kunnen kopen en zelf kunnen ervaren wat een gezonde, natuurlijke landbouw oplevert.”