Landbouwbedrijf Wensink Eert Bio VOF

In het Brabantse Steenbergen breidt biologische melkveehouder Joost van Eert uit met 83 hectare reguliere grond, met het doel naast zijn grasland en voedergewassen ook teelten voor humane consumptie te gaan introduceren. Hiervoor slaat hij de handen ineen met Victor Wensink, jonge boer mét groene vingers maar zonder land, zodat hij kan gaan ondernemen op deze nieuwe grond. De gronden worden de komende jaren omgeschakeld naar biologisch. In plaats van intensieve gangbare akkerbouw, kiezen zij voor een extensiever bouwplan met een ruime vruchtwisseling (1:7), met 4 jaar graskruiden en 3 jaar gewassen voor humane voeding. Ze beginnen waarschijnlijk met rode en witte kool, knolselderij en knoflook en breiden dit dan langzaam uit. Voor de vruchtwisseling kan het areaal biologische grond van het melkveebedrijf ook benut worden. 

De komende jaren zullen ze gefaseerd omschakelen van gangbaar naar biologische en regeneratieve landbouw. De nieuwe gronden worden eerst ingezet voor voedergewassen en bodemopbouw, waarna stapsgewijs akkerbouwgewassen voor humane consumptie worden geïntroduceerd. De 3 biologische akkerbouw-groenteteelten zullen zijn knoflook, knolselderij en kool. Voor afzet van deze producten zullen ze lid worden van The Greenery, die beschikt over contacten voor afzet naar supermarkten in Nederland en een groot deel van Europa. Via telers en leveranciers van The Greenery, die al in deze gewassen actief zijn, willen ze samenwerking opzoeken voor opslag en verwerking.

Over het bedrijf

Huidige situatie
  • 177 ha eigen grond, 210 ha natuurgrond (pacht)
  • melkveebedrijf met 300 GVE
  • teelt snijmais en veldbonen-tarwe
Toekomst
  • 83 ha grond wordt omgeschakeld naar biologisch
  • bouwplan: 4 jaar kruidenrijk grasland, 3 jaar groente (onder ander spinazie, knolselderij, knoflook)

De komende 3 jaar

In de eerste 3 jaar willen Joost en Victor grote stappen zetten in de omschakeling van hun bedrijf. De volledige 83 ha nieuwe grond wordt direct aangemeld voor biologische omschakeling (SKAL) en ingezet voor voedergewassen en bodemverbetering. Daarnaast krijgen ze intensieve begeleiding van Dietmar Näser (specialist Regeneratieve Landbouw, bij wie ze ook een cursus daarover hebben gevolgd). 

Vinkje 1: de bodem is de basis

De komende jaren wordt gewerkt aan bodemstructuur, organische stof en een actief bodemleven. Hiervoor nemen Joost en Victor de volgende maatregelen: 

  • Er wordt gewerkt met niet-kerende grondbewerking (NKG), en waar nodig aangevuld met ecoploegen; 
  • Groenbemesters worden ruim ingezet en de bodem wordt zoveel mogelijk jaarrond groen gehouden. 

Vinkje 2 en 3: Geen kunstmist en zo min mogelijk pesticiden

Op de nieuwe gronden wordt volledig gestopt met het gebruik van kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen. Weerbaarheid van het gewas wordt bereikt door een gezonde bodem, ruime vruchtwisseling en preventieve teeltmaatregelen.

Vinkje 4: 10% landschapselementen

In 2026 en 2027 wordt gestart met de aanleg van agroforestry en groenblauwe dooradering. Hiervoor worden de volgende elementen aangelegd: 

  • Struweelhagen; 
  • Natuurvriendelijke oevers; 
  • Riet oevers; 
  • Kruidenrijke akkerranden en verbindingsstroken; 
  • En er zal zelfs worden gekeken naar het aanleggen van een amfibieënpoel. 

Vinkje 5: meer bomen

Op het veehouderijdeel van het bedrijf worden permanent bomen aangeplant. Deze dragen bij aan biodiversiteit, microklimaat en landschappelijke kwaliteit. 

Vinkje 6 en 7: Extensieve veeteelt en koe in de wei

Ondanks dat het melkveebedrijf niet meedoet met het 7-vinkjes project, zullen ze de koeien en jongvee alsnog zoveel mogelijk in de wei zetten, met eventueel bijvoeren van vers gras. Hiermee wordt gewerkt richting een lagere veebezetting per hectare en een hoge weidegang, passend bij een regeneratief systeem. 

Uitdagingen en ambities

Een belangrijke uitdaging is de beperkte ervaring met biologische akkerbouw en de onzekerheid over opbrengsten en afzet. Ook speelt de vraag in hoeverre biologische en regeneratieve producten structureel een meerprijs krijgen die recht doet aan de extra inspanningen. Daarvoor is er vanuit de ondernemers veel interesse in onderzoek naar de voedingswaarde van de geteelde biologische, regeneratieve producten. Zij hopen hier samen met Urgenda een bijdrage aan te kunnen leveren. 

De ambitie is om onder de naam WE-Bio drie biologische groenten te telen (knoflook, knolselderij en rode, witte kool) in een robuust regeneratief teeltsysteem. Door langdurige aandacht voor bodemleven, bodemmicrobioom en organische stof ontstaat een weerbare bodem, die gezonde en vitale gewassen voortbrengt. Door de ruime vruchtwisseling, jaarronde bodembedekking en de aanleg van groenblauwe dooradering neemt de biodiversiteit op en rond het bedrijf toe. Tegelijk ontstaat een aantrekkelijker landschap, waar ook omwonenden van kunnen genieten. Zo willen Joost en Victor laten zien dat biologische en regeneratieve landbouw niet alleen bijdraagt aan voedselkwaliteit, maar ook aan landschap, natuur en maatschappelijke waardering.